Favo plek
- 2 mei
- 3 minuten om te lezen

Laatst ging ik naar het toilet bij mij op mijn werk (het word geen T.M.I.-jongens, ontspan).
Ik stapte naar binnen en zag dat een collega mij net voor was en in het toilet stapte waar ik altijd het liefst heen ga. Noodgedwongen moest ik het andere toilet in. Wat overigens ook een prima toilet is, precies hetzelfde, alleen niet die ene waar ik altijd heen ga.
Ik moest gelijk aan God denken en vroeg mij af of wij dit ook zo met Hem doen.
Wij hebben allemaal een favoriete plek. Een plek waar je altijd zit of staat of werkt.
Het is de enige plek die dan ook comfortabel voelt; ‘mijn plek’.
Om het bij mijzelf te houden, mijn favoriete plek op de bank is in het midden (ik hou van ruimte), ik zit altijd op dezelfde plek aan de eettafel, wanneer ik meerijd met mijn ouders dan zit ik altijd achter mijn moeder, als mijn vader niet thuis is, zit ik altijd op zijn plek aan tafel (ook als hij thuis is soms haha) en zo heb ik nog meer favoriete plekjes.
Eigenlijk is het allemaal gewoon zo gekomen, ik heb het niet per se berekend. Ik was een keer gaan zitten, het beviel en sindsdien claim ik die plekken voor mijzelf.
Op mijn werk ook. Collega’s die al jaren daar werken zitten altijd op dezelfde plek, hebben eigen stoelen, eten op dezelfde plek met dezelfde mensen.
Ik denk dat we dit wel herkennen zowel bij anderen als bij onszelf.
We rijden altijd dezelfde route, we ontmoeten altijd dezelfde mensen, we kopen zelfde merk spullen, etc.
Maar wat heeft dit nou met God te maken Tess? Let me tell you.
Soms hebben wij een favoriete kant van God en maken wij dus alleen maar gebruik van die kant.
Bijvoorbeeld: bidden voor genezing is prima, maar bidden voor bevrijding doen we niet.
We blijven hangen op 1 plek, terwijl wij eigenlijk een eeuwigheid nodig gaan hebben om God echt ten diepste te kunnen leren kennen.
Uit angst of onkunde blijven wij gebruik maken van dat ene wat een keer is gelukt bij God en proberen niet iets nieuws uit.
Bijvoorbeeld: ‘’ik ging een keer op die stoel zitten en toen hoorde ik God, sindsdien ga ik alleen op die stoel zitten anders hoor ik God niet’’.
Het is niet erg om bepaalde dingen te herhalen, maar het moet niet zo zijn dat wij ons gaan vastroesten op een bepaald manier van doen.
Groeien is onderdeel van een christen zijn. God is een God van nieuwe dingen. Hij doet dingen altijd anders. Hij heeft elke dag wat nieuws voor ons.
Dit doet mij denken aan het volk van Israël in de woestijn. Zij hadden geen eten en God voorzag van manna. In Exodus 16 lezen wij dit verhaal.
God zei tegen het volk dat zij elke dag vers manna voor de dag konden pakken, maar! Het was voor die dag bedoeld en niet om te sparen voor de volgende dag.
De Israëlieten deden het toch en de volgende dag was alles verrot. I mean…
Zo is het ook met ons en God. Er zijn dingen die goed zijn om te doen, maar niet constant op dezelfde manier.
Kijk maar naar Jezus:
- Hij genas een dove man door Zijn vingers in de oren van de man te doen
(Markus 7:33-35).
- Hij genas een blinde man door modder te maken van stof en Zijn speeksel (Johannes 9:6-7)
- Hij genas een melaatse man door hem aan te raken
(Markus 1:40-42)
- Hij genas een jongen op afstand
(Johannes 4:46-53).
In alle voorbeelden worden mensen genezen, maar niet op dezelfde manier.
Snap je wat ik bedoel?
Wanneer we alles telkens op dezelfde manier doen, word het meer een ingesleten patroon, een gewoonte, dan geloof. Geloof is uit de boot stappen, geloof is flexibel zijn, geloof is durven.
Geloof is luisteren naar wat God zegt en dat dan volgen, hoe maf het soms ook kan zijn.
Uiteindelijk is ons geloof wat het wonder activeert, niet ons herhaalde handelingen.
Ik snap ook dat beetje eng kan zijn om dingen anders te doen. God zegt niet voor niets heel vaak tegen ons dat wij niet bang hoeven te zijn, Hij is met ons en voor ons.
En als Hij voor ons is, wie kan dan tegen ons zijn 😉
Laat God je favo plekje zijn, das vele malen beter.